![]()
|
| Inhoud |
Verhalen en fantasieën over hoe de mens de aarde verlaat zijn al heel oud. Omstreeks het jaar 160 publiceerde de Griek Lucianus van Samosata het verhaal Vera Historia waarin hij beschrijft hoe een schip in een zware storm door de wind de lucht in wordt geblazenen op de maan terecht komt.
In 1865 publiceerde Jules Verne zijnboek De la terre à la lune (De reis naar de maan), waarin hij nauwkeurig omschrijft hoe een ruimtevaartuig wordt afgeschoten door een kanon (in Florida , Verenigde Staten !) en naar de maanreist. Frappant zijn de vele overeenkomsten tussen zijn boek en de Apollovluchten naar de maan die meer dan honderd jaar laterplaats vonden.
Rond 1900 publiceerde de schrijver H.G. Wells onder andere War of theWorlds en The First Men in the Moon, verhalen waarin reizen door de ruimte een belangrijke rol spelen.
Vier belangrijke grondleggers voor de moderne ruimtevaarttechniek zijn de wetenschappers Herman Ganswindt ( 1856 - 1934 ), KonstantinTsiolkovsky ( 1857 - 1935 ), Robert Goddard ( 1882 - 1945 ) en HermannOberth ( 1894 - 1989 ). Zij zouden allen hebbentoegegeven geïnspireerd te zijn door de verhalen van schrijvers als Verne en Wells.
Een belangrijke en tevens grimmige fase voorafgaand aan de werkelijke ruimtevaart is de ontwikkeling van het V-2 wapen in nazi-Duitsland tijdens de Tweede Wereldoorlog . De V-2 kan worden beschouwd als de eerste middellange afstandsraket. De V-2 wordtoverigens vaak in één adem genoemd met de V-1 , maar de V-1 is in technisch opzicht meerverwant aan een straalvliegtuig dan aan een raket. De rakettechniek raakte door de ontwikkeling van de V-2 in zo'nstroomversnelling dat met name de Verenigde Staten en de Sovjetunie er op gebrand waren om de wetenschappers in handen te krijgen die hieraanhadden gewerkt. Zowel de Russische ruimtevaart als de Amerikaanseruimtevaart zijn mede mogelijk gemaakt door medewerking van Duitse wetenschappers die voorheen voor Adolf Hitler hebben gewerkt. Wernher von Braun is daarvan de bekendste.
In het begin vlak na de Tweede Wereldoorlog had de ruimtevaart, of althans de ontwikkeling ervan, niet de hoogste prioriteit.Het was kostbaar en veel proeven mislukten. Toen de Sovjetunie in 1957 er echter in slaagdede eerste satelliet in een baan om de aarde te brengen, namen de budgetten voordeze nieuwe tak van technisch vernuft allengs toe. Ruimtevaart werd het ambitieuze, zeg maar vriendelijke deel van de Koude oorlog die toen steeds meer vorm begon te krijgen.
Die eerste (Russische) satelliet heette Spoetnik . De Amerikanen volgden, maar inde volgende stap waren de Russen weer het eerst: in 1957 bracht men het eerste levendewezen in de ruimte, het hondje Laika . Opvallend is dat de Russen metname honden gebruikten voor hun eerste ruimtevaart-experimenten. De Amerikanen werkten veelal met aapjes. De oorzaak hiervoor isgelegen in het feit dat beide naties met de respectievelijke proefdieren veel ervaring hebben. Hun fysieke reacties op het ruimteleven zouden daardoor snel herkenbaarzijn.
Nadat de Amerikanen hun eerste aap de ruimte in slingerden, hadden de Russen ook de volgende primeur: op 12 april 1961 werd Joeri Gagarin in een baan om de aarde gebracht; de eerste mens in de ruimte was een feit.Tandenknarsend sloegen de Amerikanen deze prestatie gade.
Als reactie op de achterstand in de ruimtewedloop en om de competitie tussen de twee supermachten te vergroten beloofde deAmerikaanse president John F. Kennedy in zijn State of the Union dat er voor het einde van het decennium eenAmerikaan op de maan zou lopen. Daarmee werd een start gemaakt door de NASA met het Gemini en Apollo programma . Uiteindelijk resulteerden beide projecten in hetrealiseren van Kennedy's belofte.
Na de eerste paar maanlandingen was de spanning er voor het grote publiek af. Even nog was de reddingsoperatie voor de Apollo 13 sensationeel, maar bij de Apollo 17 was de kritiek op de vele miljarden die dit kostte te groot geworden en stopte men er mee. NASA moest in de jaren daarna meer knokken voor haar bestaan en ging diverse internationalesamenwerkingsverbanden aan. In 1975 werden een Amerikaanse Apollo-module en een RussischeSojoez-module in de ruimte gekoppeld in het kader van het Apollo-SojoezTest Project .
Vooralsnog zat de Russische ruimtevaart ook niet stil. De prestigewedloop om de maanlandingen was verloren, maar met de Sojoez lanceringen hadden de Russen een stabiel lanceerpatroon ontwikkeld. Meer op deachtergrond waren zij bedreven geraakt in het in een baan om de aarde brengen van satellieten . Daarnaast begonnen zij met hetsturen van sondes naar diverse bestemmingen in ons zonnestelsel. De Russische voorkeur lag bij Venus , waar de Amerikanen gingen koersen op Mars met hun Pioneer projecten.
Hoewel de Russische ruimtevaart grotendeels publicitair op de achtergrond lag, en mede door de koude oorlog grotendeels geheim was, tekende zich een doel af dat de Russen tot hun inzet maakten: ruimtestations . Al vanaf de vroege jaren zeventig werd hieraan gewerkt.Wetenschappelijk bouwden de Russen grote expertise op in het langdurig verblijf van mensen in de ruimte.
Zie ook: Overzicht bemande ruimtevluchten, chronologisch